Woonbond: Normen en grenzen huurtoeslag

Huurtoeslaggrenzen

De huurtoeslag is een ingewikkelde regeling, met vele normen en grenzen.  Welke normen en grenzen zijn van invloed op het recht op huurtoeslag?

Liberalisatiegrens

Op het moment dat het huurcontract wordt afgesloten moet de (kale) huurprijs onder de liberalisatiegrens liggen die voor dat kalenderjaar is vastgesteld. Is de woning  duurder? Dan is er geen huurtoeslag mogelijk. De liberalisatiegrens is even hoog als de huurtoeslaggrens.

Inkomensgrens

Tot en met 2019 kwamen alleen huurders met een laag inkomen en beperkt spaargeld in aanmerking voor huurtoeslag. Sinds 2020 kunnen ook huurders met een iets hoger inkomen toeslag krijgen. Als het inkomen stijgt wordt de huurtoeslag geleidelijk minder. Welk jaarinkomen een huishouden maximaal mag hebben om nog toeslag te kunnen krijgen is sinds 2020 geen harde grens meer in euro’s, maar hangt af van de huurprijs, het aantal bewoners en van het al dan niet bereikt hebben van de AOW-leeftijd.  Meer over inkomensgrens.

Vermogensgrens

Het maximum dat een huishouden aan spaargeld (en ander vermogen) mag hebben is nog wél een ‘harde grens’. Als je op 1 januari te veel vermogen hebt vervalt dat hele jaar je recht op huurtoeslag. Zelfs een paar euro te veel vermogen kan er al voor zorgen dat je het hele jaar geen huurtoeslag krijgt. Als je vermogen vlakbij de vermogensgrens ligt is het dus belangrijk om goed te letten op de peildatum van 1 januari. Een paar dagen later mag je meer vermogen hebben, maar op 1 januari per se niet.

Basishuur

Voor elk huishouden dat in aanmerking komt voor huurtoeslag wordt eerst de zogenaamde ‘basishuur’ vastgesteld. Dat deel van de huur moet het huishouden zelf betalen, er is geen toeslag over mogelijk.  De hoogte van de basishuur is afhankelijk van het inkomen. Hoe lager het inkomen, hoe lager het bedrag dat het huishouden zelf moet betalen.  De overheid heeft minimumbedragen vastgesteld die ieder huishouden (ook huishoudens met zeer lage inkomens) hoe dan ook zelf moeten betalen.  De minimumbedragen voor de basishuur worden elk jaar op 1 januari aangepast. Voor huishoudens die de AOW-leeftijd al bereikt hebben ligt het minimumbedrag marginaal lager dan voor jongeren. Meer over basishuur.

Kwaliteitskortingsgrens

Het bedrag tussen de basishuur en de kwaliteitskortingsgrens wordt 100% vergoed door huurtoeslag.  De kwaliteitskortingsgrens is een harde grens in euro´s, die op 1 januari van ieder kalenderjaar wordt aangepast. Voor huurders met een iets hoger inkomen geldt dat hun ‘basishuur’ hoger is dan de kwaliteitskortingsgrens. Die huurders krijgen dus géén toeslag over het deel van de huur tot de kwaliteitskortingsgrens. Voor jongeren tot 23 bepaalt de kwaliteitskortingsgrens of er recht op huurtoeslag bestaat of juist niet. Een jongere die sociaal gaat huren voor een hogere huurprijs heeft géén recht op toeslag. Een 23-plusser wel. Meer over kwaliteitskortingsgrens.

Aftoppingsgrens

65% van de huurprijs tussen de kwaliteitskortingsgrens en de aftoppingsgrens wordt door de huurtoeslag vergoed. Er zijn 2 aftoppingsgrenzen, die ieder jaar op 1 januari worden aangepast. Is de huurprijs hoger dan de aftoppingsgrens? Dan heeft dat invloed op de huurtoeslag. Veel meerpersoonshuishoudens moeten het gedeelte van de huur dat boven de voor hen geldende aftoppingsgrens ligt volledig zelf betalen. Alleen meerpersoonshuishoudens waarin sprake is van AOW of een woning die is aangepast op een handicap krijgen nog een deel vergoed. Meer over aftoppingsgrens.

Huurtoeslaggrens

Over het bedrag tussen de aftoppingsgrens en de huurtoeslaggrens is maximaal 40% huurtoeslag mogelijk. Veel meerpersoonshuishoudens moeten het bedrag tussen de voor hen geldende aftoppingsgrens en de huurtoeslaggrens volledig zelf betalen. De volgende huishoudens krijgen wél 40% vergoed:

  • 1-persoonshuishoudens
  • meerpersoonshuishouden waarvan minstens 1 bewoner ouder is dan de AOW-gerechtigde leeftijd
  • meerpersoonshuishoudens die vanwege een handicap in een aangepaste woning wonen

Is de huurprijs door een huurverhoging boven de toeslaggrens geraakt? Huishoudens die al recht hadden op huurtoeslag behouden hun toeslag. Wel geldt dat zij het gedeelte van de huur dat boven de huurtoeslaggrens ligt volledig zelf moeten betalen. De huurtoeslaggrens is even hoog als de liberalisatiegrens.  Meer over huurtoeslaggrens.

Hernieuwde afspraken met verhuurders over maatwerk

Nieuwsbericht | oktober 2020
Een prettige woonplek is in deze coronacrisis extra belangrijk. Daarom hernieuwen minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de verhuurdersorganisaties, brancheverenigingen (Aedes, IVBN, Kences, Vastgoed Belang) en de VNG de afspraken over huisuitzettingen die op 26 maart 2020 zijn gemaakt. Dit houdt in dat huisuitzettingen als gevolg van betalingsachterstanden in deze periode zoveel mogelijk worden voorkomen. We hebben gezien dat de inspanningen van de verhuurders effect hebben gehad. Het aantal huisuitzettingen nam de eerste helft van het jaar met meer dan de helft af. De woonpartijen vertegenwoordigen ruim 80% van de huurhuizen in Nederland. . . . . . lees verder

Landelijk huurbeleid zorgt voor langere wachttijden en hogere huren

18/10/20

Het landelijke woonbeleid zorgt ervoor dat starters steeds langer moeten wachten op een sociale huurwoning. Huren is onder drie kabinetten Rutte fors duurder geworden. Huurders zijn dan ook een steeds groter deel van hun inkomen kwijt aan wonen. Dat blijkt uit een analyse die de Woonbond vandaag publiceert. De Woonbond en burgerbeweging DeGoedeZaak lanceren vandaag met www.wegmetdewooncrisis.nl een campagne voor goed en betaalbaar wonen.

Lees meer »

Terug naar boven